




Gisteren hebben ik en Emmy een proef ceremoniële hut gebouwd in mijn tuin. Met behulp van de waslijn, papierklemmen, touw en tentharingen hadden we vrij snel de vorm die we zochten. Het blijft natuurlijk een dak van papier, maar het gaat niet om het praktische ervan, het gaat om wat het verteld. Een gevoelsmatige hut dus.
Voor de eerste 5 dakpanelen maakte ik 4 oervrouwen. Emmy leende mij het prachtige boek “Tribe” waarin Bruce Parry zijn verhaal achter de camera verteld van zijn “Going Tribal” avonturen. Ik kende de serie niet en ik was aangenaam verrast dat het mij zo aansprak. De rituelen en kleding/versiering wilde ik op een of andere manier terug laten komen op de dakpanelen, zonder een kopie te maken van wat hun maken, door er mijn eigen vorm aan te geven.
Ook heb ik het tweede boek van Jean M. Auels boekenserie De Aardkinderen bijna uit. Normaal gebruik ik nooit mensenfiguren in mijn werk, maar dennennaalden en vogeltjes dekte de lading deze keer niet. Het gaat over vruchtbaarheid, hiërarchie rondom vuurplaatsen (huiselijkheid & warmte) en de rol van de mens in de natuur. Onderwerpen waarmee ik in mijn dagelijkse leven worstel (vruchtbaarheid), waar ik me zorgen om maak (onze natuur) en waar ik me nog steeds over kan verbazen en boos maken (verschil man/vrouw, ras, afkomst). Vier oervrouwen waren de uitkomst.
Ik en Emmy hebben nu ook sjablonen uitgewisseld. Mijn oervrouw is nu in Enschede en een man in pak zal haar plaats nu bij mij gaan vervangen. Benieuwd wat de uitkomst gaat zijn.
